De sociale contacten bloeien op en sport en spel zijn goed voor lichaam en geest. De LDP steunt dit verenigingsleven. Het komt ten goede aan onze eigen burgers, en dat mag dan ook worden gesteund. Uiteindelijk is het goed voor de plaatselijke maatschappelijke en sociale ontwikkeling. En als zelfstandige gemeente heb je dit ook nodig.
De verenigingen betalen voor de accommodatie die ze hebben.
Of dit nu een zaal is of een voetbalveld of een bak met water zoals de watersportvereniging dit noemt, iedere vereniging krijgt de kans om hun hobby uit te oefenen. Dit wordt gemeentelijk ondersteund door directe en indirecte subsidies. Het laatste kun je opvatten als het leveren van diensten of faciliteiten zoals ondersteuning in het onderhoud.
Kortom, zie het als een korting en een ondersteuning m.b.t. de kosten van een accommodatie.
En uiteindelijk heeft een verhuurder (in dit geval de gemeente) ook de plicht om de zaak die ze verhuren, functioneel in stand te houden. Deze (deel) steun werk hieraan mee.
De VVD en het CDA wilden deze indirecte directe subsidies tijdens de behandeling van de begroting verminderen. Dit door middel van een VVD amendement m.b.t. de directe en indirecte subsidie, en een CDA motie die betrekking had op het verminderen van de indirecte subsidie.
Het CDA merkte dat de steun van de gemeenteraad er niet was en trok de motie verstandig in, maar het enige fractielid van de VVD, De Boer, probeerde de korting via zijn amendement toch eigenwijs door te zetten.
Gelukkig voor de verenigingen in de gemeente Bunschoten werd er (zelfs door het CDA) tegengestemd en werd dit amendement naar de prullenbak verwezen. De korting die dit amendement teweeg had gebracht zou de verenigingen 2% kosten van de som van de verleende indirecte en directe subsidies. Vreemd was ook dat er niet werd nagedacht over het feit wie hier uiteindelijk voor op zou moeten draaien.
Sport is voor sommige mensen al niet betaalbaar en juist deze mensen zouden op de eerste plaats worden getroffen. Vaak mensen die door een minimum inkomen al worden geholpen om mee te doen aan het verenigingsleven.
En verder zouden alle leden van de verenigingen hiervoor op moeten draaien.
Deze korting zou dus een indirecte belasting worden voor de vele leden die lid zijn van een vereniging in de gemeente Bunschoten.
Het CDA had een motie ingediend die de korting op de indirecte subsidies moest veroorzaken. De verenigingen zouden door deze korting naar rato veel in moeten leveren.
Het onderhoud moest maar meer door vrijwilligers gebeuren vonden ze.
Blijkbaar weten ze totaal niet wat deze vrijwilligers bij de plaatselijke sportverenigingen al doen. De vrijwilligers houden de verenigingen al in stand mag je wel stellen. Zonder deze mensen is er geen verenigingsleven. Het zijn de mensen die onbezoldigd met hun hele ziel en zaligheid dit maatschappelijk doel steunen.
En daardoor zou ook de continuïteit van het onderhoud in gevaar komen omdat je de vrijwilligers niet kan verplichten om gebouwen en velden te onderhouden. Leuk en fijn dat ze er zijn, maar je mag niet alles van ze verwachten.
Blijkbaar missen de bedenkers van dit soort moties en amendementen iets, en dat is het gevoel van saamhorigheid en het gemeenschappelijke betrokken zijn. En lijken ze niet bereid om de consequenties daarvan te dragen. Liever elk voor zich lijkt het.
Ook lijkt het erop dat scoren op politiek niveau een hogere prioriteit heeft dan nadenken over de gevolgen, namelijk het feit dat het weer ten koste gaat van onze eigen burgers.
Een blunder dus om het maar eens in sporttermen te benoemen, een blunder die grote gevolgen zou kunnen hebben voor het plaatselijk verenigingsleven. Maar blijkbaar hebben deze lieden niet zoveel op met de plaatselijke verenigingen en willen ze de burger op die manier ook maatschappelijk uitkleden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Bedankt voor uw reactie en de interesse in een blog met duidelijk standpunten.